Houtsnippen lijken raadselachtige vogels. Ze zijn 's-nachts en in de schemering actief met het zoeken van voedsel. Met hun lange snavel peuren ze naar wormen. Verder eten ze duizendpoten, andere insecten. Overdag zitten ze goed door hun fantastische schutkleuren verstopt op de grond tussen mos, dode bladeren en onderbegroeiing in bossen en bosjes.
Alleen in de trektijd (ze vliegen 's nachts en in de schemering), tijdens het baltsen en als ze opgejaagd worden van hun rustplaats of nest zijn ze in (een korte) vlucht te zien. De Europese vogels trekken vanuit Noord- en Oost-Europa onder andere naar het zuidwesten. De vogel schijnt een lekkernij te zijn en wordt daarom veel bejaagd. In Frankrijk en andere zuidelijke landen worden er elk seizoen miljoenen door jagers geschoten. In Nederland komen zowel broedvogels, wintergasten als doortrekkers voor.
Ik zag er wel eens eentje in de duinen opvliegen en toen er enige jaren geleden een korte winterweek was met veel sneeuw, zag ik twee Houtsnippen op enige meters van de weg langs het Nettenboetstersveld bij Scheveningen in de sneeuw op hun rustplek zitten. De sneeuw was om hen heen wat weggesmolten en zo staken ze flink af tegen de sneeuw. Normaal vertrouwen de Houtsnippen op hun fantastische schutkleur en blijven ze stil zitten tot een bedreiging erg dichtbij komt. Zonder sneeuw zijn ze nauwelijks met het blote oog te vinden op de grond, zo goed is hun schutkleur.
Begin februari ging ik met een groepje vogelaars met BirdingHolland, een kleinschalige vogelkijk organiatie geleid door Martijn Bot, naar Houtsnippen kijken rond het Lauwersmeer. Met een infraroodkijker was het mogelijk Houtsnippen te vinden. Omdat ze meestal niet op precies dezelfde plek blijven zitten, kostte het nog heel wat zoektijd en lopen, om Houtsnippen te vinden. We zagen er drie op de grond en vier die opvlogen, door ons, of door een hond of om onbekende redenen.