Rietblog

wandelingen in Nederland, verre reizen, waarnemingen van vogels

Weblogarchief
oktober (1) 2019

Biesbosch, Kwade Hoek en Scheveningen havenhoofd

Een gevarieerde oktobermaand (1)

Biesbosch

tijdens een uitstapje naar de Biesbosch was het nog warm. Als vogelaar moet je regelmatig naar boven kijken en de lucht afspeuren. Hoog in de lucht zag ik ver weg een stipje, een roofvogel vliegen. Vast een Buizerd ging er door me heen, de roofvogel die je het meeste ziet. Niettemin wierp ik wat later nog een tweede blik omhoog en toen drong het tot me door dat dit wellicht geen Buizerd was. Ik volgde de vogel, die op vrij grote afstand en hoog langs vloog. Toen wist ik het zeker: onmiskenbaar een Visarend die naar het zuiden trekt. En niet de Visarend die in de Biesbosch gebroed heeft.

Visarend (31K)
Visarend in de Biesbosch

Zilverreigers zijn sierlijke vogels. De grote Zilverreiger stapt altijd zo mooi door het water. Ik kon het niet laten een foto te maken.

Grote zilverreiger (88K)
Grote zilverreiger

Kwade Hoek

Laat in oktober ondernam ik een tochtje naar de Kwade Hoek, aan de noordkust van Goeree. Op de zeer brede strandvlakte die zich hier heeft gevormd zijn in het winterhafjaar vogeltjes te vinden die je elders niet snel ziet. Een ervan is de strandleeuwerik, die uit Scandinavië komt. Ze hebben een enigzins komische koptekening. Ze zijn niet makkelijk te vinden en nog lastiger van nabij te bekijken en te fotograferen. Dat laatste was me zelfs nog nooit gelukt. Deze keer trof ik na een lange zoektocht een groepje van drie strandleeuweriken. Ik was eigenlijk al weer op de terugweg, maar zo gaat dat met vogelskijken: een ontmoeting komt soms onverwacht. Voordat ik op strandleeuweriken zoektocht ging, maakte ik een foto van een zilverplevier langs de waterlijn.

Zilverplevier (93K)
Zilverplevier
Strandleeuwerik (69K)
Strandleeuwerik

Strijen

Ik was op weg om de eerste overwinterende dwergganzen in de Polder het Oude Land van Strijen te vinden. Die ganzen zijn niet altijd erg makkelijk te vinden tussen de brandganzen, grauwe ganzen en kolganzen die hier bij duizenden verblijven. Ze zitten vrijwel altijd ver weg en zijn op grote afstand moeilijk te herkennen tussen al die andere (kol)ganzen. Deze keer vlogen zowat alle ganzen die in het zuidwestelijk deel van deze polder verbleven, massaal en met veel misbaar op. Een verstoring, dat was duidelijk. Wat was daarvan de oorzaak? Ik keek goed rond en uiteindelijk zag ik ver weg twee grote adulte zeearenden op de grond zitten. Kennelijk een prooi gevonden. Een van zeearenden vertoonde baltsend gedrag, hoewel het toch herfst was. Het was een mooi schouwspel waar ik zeker drie kwartier naar keek. De dwergganzen was ik vergeten.

Zeearend (94K)
Twee Zeearenden

Scheveningen havenhoofd

Af en toe ga ik vogels kijken op de Scheveningse havenhoofden. Lekker dicht bij huis. Meestal zitten er de wat vissers op de uiteinden van de havenhoofden. Hun activiteit trekt steenlopers die profiteren van wat er na de vangst afvalt. Soms zie ik een zeehond of enkele bruinvissen. Natuurlijk kijk ik ook naar de vogels op en rond de hoofden en de haven. En naar vogels die over zee langs trekken. Sommige vogels zie je er (bijna) altijd, zoals zilvermeeuwen van alle jaarklassen.

In oktober trekken veel kust- en zeevogels naar het zuiden. Zo komen er nu veel Grote sterns langs, die onderweg nog even fourageren bij de havenhoofden.

Grote stern juv (111K)
juveniele Grote stern
Grote stern ad(34K)
Volwassen Grote stern in winterkleed: wit voorhoofd

Een flink deel van het jaar, vooral 's winters, schieten er vaak een of twee piepkleine weinig opvallend getekende vogeltjes weg tussen de grote betonblokken die de hoofden versterken. De kans is dan groot dat het een oeverpieper is, vroeger rotspieper genoemd. In het Engels is het nog steeds nog steeds Rock pipit. Een van de leden van de pieperfamilie, waarvan de soorten sterk op elkaar lijken. Rotspieper vind ik eigenlijk een betere naam, omdat dit vogeltje een zeer duidelijke voorkeur heeft voor rotsige kusten. Ze zijn nogal schuw en duiken snel weg tussen de blokken. Om een foto te kunnen maken heb je daarom geduld en wat geluk nodig.

Oeverpieper (105K)
Oeverpieper

Een andere vogel die in oktober in grote getalen langs de kust trekt, is de rotgans. Meestal vliegen ze in een flinke groep in formatie. Ze komen uit hun noordelijke broedgebieden en zijn op weg naar de Zeeuwse Delta en Frankrijk, waar er veel overwinteren. De meeste overwinteren overigens op de Waddenzee en in Engeland.

Rotganzentrek (39K)
Rotganzen op trek

> naar boven

> vorig weblog

Klik voor reactie

Rolf Riethof © 2019